Gedicht mevr. Volwerk-Hommel

Het gedicht ‘Kerstboodschap’ is geschreven door mevr. L. Volwerk-Hommel uit Sommelsdijk, geboren in 1903 en overleden in 1979. De tekst is geschreven rond 1943 en is ons aangeboden door haar dochter mevr. I. van Vliet-Volwerk. Ondanks dat de schrijfster al op jonge leeftijd moest gaan werken en daardoor maar 5 jaar lagere school heeft genoten toont deze kerstboodschap dat mevrouw een zeer getalenteerd dichteres was!

 

Kerstboodschap

Geen jub’lende klokken die vrolijk verbeiden
het vrede op aard’ in deez’ zaligen nacht.
Geen flonk’rende lichtjes die stralend verkonden
de boodschap van ’t licht aan het mensdom gebracht.
Geen vrede op aard ’maar verbitterde harten
die haten en schuwen die oorlog zo wreed.
Die moeizaam verdragen onduldbare lasten
vertwijfeld, verscheurd door een nameloos leed.
—–
Geen zalige Kerstmis want velen toch rouwen
om levens hen dierbaar, ontrukt aan hun zij’.
Die vielen als helden voor land en voor vrijheid
getergd door de macht van een dwingelandij.
Zij vochten heldhaftig en gaven hun leven
zij werden door ’t vuur van den vijand geveld.
Geen vrede op aard’ maar een wereld vol smarten
gezocht en gewild door het brute geweld.
—–
Geen vrede op aarde, geen jub’lende klokken
toch vieren we Kerstmis te saam in één Geest.
Toch stijgt daar  “het ere zei God in den hoge”
en denken w ’aan ’t schoons dat ons deel is geweest.
We denken aan Kerstmis, één jaar nu geleden
toen daar door den ether op klankvolle toon
de stem van prins Bernhard, te midden der zijnen
ons sprak van die boodschap, ontroerend en schoon.
—–
Hoe nauw was ons volk en hoe innig verbonden
hoe rijk waren wij in dit prins’lijk  gezin.
Hoe namen wij deel in ’t geluk van die moeder
ons aller geliefde, geëerde vorstin.
Geen vrede op aarde maar diep in ons harte
dat klopt voor oranje, voor vrijheid en recht.
Daar houden wij vast deze schone herin’ring
zo vieren wij Kerstmis al zijn wij geknecht.
—–
Zo vieren wij Kerstmis in hunk’rend verlangen
dat spoedig weer wapp’re het rood, wit en blauw.
Dat Holland gezuiverd van giftige smetten
weer groeie en bloeie na dagen van rouw.
Wij kunnen, wij mogen, wij willen niet anders
oranje het blijv’ onze harten verpand.
Zo vieren wij Kerstmis, de bee’ in het harte
De bee’ voor oranje, voor volk en voor land.

L. Volwerk-Hommel