25 januari 1916 – 25 december 1944
Adam en Teunis van der Veer waren zonen van Pieter van der Veer en Lauwerijntje Duim. Op 24 februari 1944 vertrok het gezin uit Ooltgensplaat naar Schiedam, met hun derde broer Job. Op advies van een neef trokken de drie broers op 15 maart 1944 door naar Putten, waar het platteland beter in de voedselvoorziening voorzag.
Adam kwam terecht bij de familie Simons aan de Hooiweg en werkte op hun bedrijf; Teunis, schilder van beroep, kreeg werk in een kruidentuin aan de Grietweg; Job vond onderdak bij C. van de Kamp aan de Huinen. Ze woonden zo’n vijf kilometer van elkaar, maar zagen elkaar op zondag.
Op 1 oktober 1944 was Job al vroeg gaan melken en kwam daardoor te laat voor de kerk — een vertraging die hem later zijn leven zou redden. Die ochtend voerden de Duitsers in Putten een van de beruchtste razzia’s van de oorlog uit. Job vluchtte met buurtgenoten het bos in en bleef schuilen tot de avond van 2 oktober, toen 660 Puttenaren — onder wie zijn beide broers Adam en Teunis, en hun dorpsgenoot Johannis Overbeeke — werden weggevoerd. Van de 660 weggevoerden zouden er 540 niet terugkeren.
Na de razzia werden de Puttenaren eerst twee weken vastgehouden in het Polizeiliches Durchgangslager Amersfoort, voordat zij op 11 oktober 1944 verder werden gedeporteerd naar concentratiekamp Neuengamme. Over de precieze omstandigheden van Teunis’ overlijden waren aanvankelijk geen directe ooggetuigenverslagen beschikbaar — de gevangenen waren vaak zozeer mishandeld dat zij elkaar, en zelfs vaders hun eigen zonen, niet meer herkenden. Via het Nederlandse Rode Kruis werd later bekend dat Teunis van der Veer op 25 december 1944 in het concentratiekamp Neuengamme was omgekomen.
Vader en moeder Van der Veer keerden begin juli 1945 terug naar Ooltgensplaat om het huis aan de Stoofstraat klaar te maken voor de terugkeer van hun zonen — ’s avonds lieten zij zelfs de deur open voor het geval de jongens laat thuis zouden komen. Alleen Job keerde terug, in augustus 1945.
Teunis was van beroep schilder; zijn vader Pieter van der Veer was landbouwer. Vader Pieter overleed in 1957, moeder Lauwerijntje Duim in 1966, beiden in Ooltgensplaat. Job en zijn zus K. van der Veer woonden ook jaren later nog altijd in het dorp.