14 februari 1945

Op 14 februari 1945 vliegt een groot vliegtuig op geringe hoogte en met lage snelheid van west naar oost langs de kust van Flakkee over het Haringvliet. Voor de toevallige toeschouwer is het een welhaast gracieuze, vredige vlucht. De realiteit van de oorlog doet de toeschouwer echter opschrikken als het toestel plotseling vanaf het Havenhoofd van Middelharnis door Duitse troepen hevig wordt beschoten. Het vliegtuig maakt een bocht en draait af in noordelijke richting. Kort daarop stort het vanaf een hoogte van circa 100 meter bijna rechtstandig in het water, een grote waterfontein achterlatend. Er worden geen parachutes waargenomen dus is de vrees dat hier alweer, zoals al zo vaak in de jaren daarvoor is gebeurd, een gehele bemanning de dood heeft gevonden.

De Amerikaanse bommenwerper van het type B-24J welke behoort tot de 566th Bomb Squadron, 389th Bomb Group is op die noodlottige dag op de terugweg van een missie met als doel een wapendepot bij het Duitse Maagdenburg. Boven het doelgebied wordt het toestel geraakt door luchtafweergeschut en één van de vier motoren raakt in  brand. De schade is weliswaar gering, maar het toestel kan niet meer meekomen met de hoofdstroom van terugkerende vliegtuigen. Naast de materiële schade zijn er ook enkele bemanningsleden gewond geraakt door granaatscherven. De brand kan nog geblust worden, maar hiermee zijn ze nog niet uit de problemen. Het toestel verliest veel brandstof en om de terugvlucht met de snel afnemende voorraad brandstof toch te kunnen volbrengen, wordt snelheid geminderd. Eenmaal aangekomen bij de kust van Nederland, realiseert de bemanning zich dat hun toestel de terugtocht naar de thuisbasis in Engeland niet meer zal halen. Besloten wordt om het toestel per parachute te verlaten. Alle negen bemanningsleden verlaten de bommenwerper in nood wanneer het boven Brielle op Voorne-Putten vliegt. De vlucht van het onbemande toestel wordt dan voortgezet richting Goeree-Overflakkee. Wanneer ook de allerlaatste druppels brandstof door de drie overgebleven motoren zijn verbruikt stort het toestel met stilstaande motoren om 16:30 uur verticaal in het donkere water van het Haringvliet nabij het Havenhoofd van Middelharnis.

 


 

Normaal bestaat de bemanning van een B-24 bommenwerper uit tien personen, maar op deze missie richting Maagdenburg is er geen bommenrichter aanwezig.

  • 1LT Julius Weiss (piloot)
  • 2LT Gerald Schaeffer (co-piloot)
  • 2LT Ira Lloyd Simpson (navigator)
  • T/SGT Robert Thomas Osborne (boordwerktuigkundige)
  • T/SGT Clyde Franklin Hicks Jr. (radiotelegrafist)
  • S/SGT Harry Glenn Jones (rompschutter)
  •  S/SGT Monroe William Gray (neusschutter)
  • S/SGT George Earl Loeser (rompschutter)
  • SGT John E. Brown (staartschutter)

Boven Brielle verlaat de bemanning het toestel en ze dalen aan hun parachutes af naar Voorne-Putten. De Duitsers zien het toestel en de zich ontvouwende parachutes helaas ook. De bemanning wordt beneden dan ook al opgewacht. Alle bemanningsleden op één na worden gevangen genomen. De staartschutter, sergeant John E. Brown, wacht helaas een ander lot. Brown, die zijn 22ste missie vliegt, wordt door de Duitsers beschoten terwijl hij nog aan zijn parachute neerdaalt. Hij overleeft dit niet. Hij is nog maar net 22 jaar oud als hij op deze dramatische wijze van het leven wordt beroofd. In zijn geboortestad Worcester, Massachusetts, USA is er op May & Lovell Streets een plein vernoemd naar Sgt. Brown, genaamd Brown Square. Hier staat een gedenksteen ter herinnering aan het onfortuinlijke bemanningslid. De rest van de bemanning wordt als gevangenen (Prisoner of War, POW) afgevoerd in gevangenschap in het kamp Dulag Luft West. Voor nog één van de bemanningsleden heeft dit verhaal een bijzonder aspect. Sgt. Monroe W. Gray wordt voor deze vlucht uit zijn originele bemanning gehaald ter vervanging van S/Sgt. Carl E. Brewer. Het is S/Sgt. Gray zijn 35ste vlucht; hij zal hierna afzwaaien en terug gaan naar Amerika. Het verhaal loopt dus anders af voor Gray want in plaats van terug naar de Verenigde Staten wordt hij gevangen genomen en afgevoerd naar een Duits gevangenenkamp. Zijn oorspronkelijke bemanning heeft overigens hun 35ste missie wel heelhuids voltooid.

 


 

Het betreffende toestel betreft een Amerikaanse zware bommenwerper van het type Consolidated B-24J, beter bekend als de Liberator. De Liberator is een viermotorige zware bommenwerper waarmee de Amerikanen overdag missies uitvoeren naar Duitsland en bezet gebied.

Het toestel heeft 4 stuks zogenaamde R-1830-65 ‘Twin Wasp’ ster-motoren van Pratt & Whitney die elk zo’n 1.200 pk leveren. Hiermee wordt een maximale snelheid van 467 km/u bereikt. De maximale vliegafstand is zo’n 3.500 km waardoor het toestel vanaf zijn basis in Engeland tot ver in Duitsland kan komen. De ‘J’ versie van de B-24 Liberator kan 3.700 kg bommen vervoeren. Het leeggewicht van een Liberator is bijna 17.000 kg, doch volledig beladen met brandstof, bommenlast, munitie en de bemanning loopt het gewicht op tot zo’n 30.000 kg. De B-24 Liberator presteert daarmee overigens beter dan de meer bekende Boeing B-17 Flying Fortress. De B-24J is voorzien van 11 stuks machinegeweren van het kaliber .50 ter verdediging tegen de Duitse jagers. Ondanks deze formidabele vuurkracht lopen de hoge verliescijfers aan Amerikaanse zijde pas echt terug wanneer gevechtsvliegtuigen medio 1944 de bommenwerpers tot diep in Duitsland kunnen vergezellen. Het bewuste toestel van 1LT Weiss en zijn bemanning heeft het serienummer 44-40109. Het wordt in 1944 in de Verenigde Staten gebouwd in de Consolidated fabriek te San Diego en aan de United States Army Air Forces (USAAF) afgeleverd in februari 1944. Op 11 april 1944 wordt het toestel naar Engeland overgevlogen en toegevoegd aan het 566ste Bomber Squadron van de 389ste Bomber Group op het vliegveld Hethel. Het toestel krijgt de squadroncode RR-H+. Ruim 50 jaar na de fatale vlucht zijn er tijdens baggerwerkzaamheden nog fragmenten van de ooit zo machtige bommenwerper boven water gehaald. De rest van het toestel ligt nog ergens op de bodem in het donkere koude water van het Haringvliet.