Atlantikwall

De Atlantikwall was een 2.685 kilometer lange verdedigingslinie, die de Duitsers tijdens de Tweede Wereldoorlog langs de kust van Europa aanlegden ter voorkoming van een geallieerde invasie uit zee. De Atlantikwall liep vanaf Noorwegen door tot aan de grens met Spanje. De Atlantikwall was geen aaneengesloten muur van verdedigingswerken zoals de naam suggereert. De verdedigingswerken waren geconcentreerd op strategische punten, bijvoorbeeld de havens van IJmuiden en Rotterdam. Langs de tussenliggende kust werden op geruime afstand van elkaar bewakings- en verdedigingsposten gebouwd. Feitelijk was de Atlantikwall een aaneenschakeling van kustbatterijen, versperringen en ondersteuningsbunkers.

Het eiland Goeree-Overflakkee was strategisch van ondergeschikt belang. Er waren geen belangrijke industrieën of havens, ook in het achterland waren geen belangrijke militaire doelen. Toch had ook Goeree haar rol in de verdediging. Om verdedigingwerken en stellingen aan te leggen, maakten de Duitse troepen gebruik van de eerste natuurlijke barrière vanaf het strand; de duinstrook en de dijken rondom het eiland. Van de oostzijde (Stellendam) tot aan de westzijde (De Punt) was Goeree dan ook langs de kuststrook uitgebouwd met in functie en grootte uiteenlopende stellingen.
In tegenstelling tot wat de naam Atlantikwall wellicht doet vermoeden, werd de kuststrook niet aan één stuk volgebouwd met bunkers. De verdediging van het eiland werd gevoerd vanuit de eerder genoemde Stützpunkten en Widerstandsnester. In totaal waren er aan het eind van de oorlog 41 Widerstandsnester en 3 Stützpunkten aangelegd. De Widerstandsnester op Goeree waren in Arabische cijfers genummerd van W.N. 201 tot 239, de Stützpunkten hadden Romeinse cijfers en waren genummerd van XXXI tot en met XXXIII. Het verschil tussen deze twee benamingen wordt bepaald door de grootte en sterkte van de stelling. In de regel had een Widerstandsnest een minder groot oppervlakte en waren er slechts één of enkele zwaar betonnen bunkers (Ständiger Ausbau bunkers) gebouwd. In een Stützpunkt waren vaak meerdere Ständiger Ausbau bunkers gebouwd. De Stützpunkten in een bepaald gebied konden organisatorisch worden samengetrokken tot een Stützpunktgruppe (Stp.Gr.). Dit hield in dat de stellingen in dit gebied onder het bevel stonden van één commandant. Uiteindelijk zijn er op Goeree ruim 300 grote en kleine bunkers gebouwd.
De drie Stützpunkte op Goeree bestonden uit geschutsbatterijen van de landmacht en hadden als doel een geallieerde invasiemacht al op zee uit te schakelen en de doorgang tussen Goeree en Voorne, het Haringvliet, af te sluiten. De Widerstandsnester werden hoofdzakelijk bemand door de landmacht en hadden voornamelijk de functie van infanteriesteunpunt; zij dienden de geallieerde landingsvoertuigen op het strand te vernietigen. Een aantal infanteriestellingen aan de oostzijde van Stellendam vormden de verdedigingslinie aan de landzijde, oftewel het eerder genoemde Landfront. Verder lagen er enkele Widerstandsnester verspreid over de kop van Goeree met de functie van hoofdkwartier. Een stelling met een ondersteunende functie was het hospitaalcomplex aan de Hofdijkseweg te Ouddorp. Bij de vuurtoren werd in een steunpunt van de marine een kustradar en luchtafweer geplaatst. Tenslotte waren er een aantal niet bemande schijnstellingen verspreid over het eiland, aangelegd met als doel het vijandelijke vuur te versplinteren.